home

jeanne schouten (Enschede 1950)

Haalde in 1989 haar staatsexamen Handvaardigheid MOa aan de Rijksacademie te Amsterdam.

Haar blik is gericht op de structuren van dingen die door weer en wind zijn veranderd; de bijzondere verkleuring van oude loden dakranden, de belijning van het aangespoeld wrakhout, de tekening op roestige platen, de aantasting van oud papier en zo meer.

De unieke structuren en patronen in de gevonden objecten zijn niet geconstrueerd en zijn dan ook zo echt, zo waar, zoals filosoof Cornelis Verhoeven erkende in zijn werk, dat voor jeanne van grote betekenis blijft. Ook hij was gefascineerd door oud ijzer en zei treffend in een gastcollege in 1994: “De spijker weerlegde al mijn onzinnige gedachten. Ik zag hem liggen, het is niet te bedenken, het bestaan kun je niet verzinnen, je vindt het ergens”.

Vanaf dat moment wisselen atelier en collegebank elkaar af en inspireren haar. Ze probeert met zo min mogelijk ingrijpen de schoonheid van het gevonden object te onderstrepen. In de beginjaren van 2000 komt ze in contact met de filosofie van het Boeddhisme en gaat die daarna ook praktiseren in de vorm van meditatie.

Er volgt een periode van inkeer en beoefening bij verschillende Boeddhistische kloostergemeenschappen in en buiten Europa.

In 2015 verbleef ze enkele maanden in een klooster nabij New York, waar ze kennismaakte met de ‘Artless Art of zen’ van de oprichter Daido Loori. Sindsdien zijn voor haar ‘art en zen’ voor altijd verbonden en niet meer los te zien. Nieuwe inspiraties zijn de chinese calligrafie en papierscheppen.

Februari 2017